Biologisch-dynamisch imkeren
Biologisch-dynamisch imkeren
Dit keer komt gastblogger Ferry aan het woord. Hij is BD-imker.
Intro: Persoonlijk imker ik met respect voor het natuurlijke gedrag van het bijenvolk, maar ik pas niet strikt de richtlijnen van het biologisch-dynamische imkeren toe. Een imker, die dit wel doet is Ferry Schutzelaars. Ferry is BD-imker in de omgeving van Haarlem en is sinds 38 jaar een bevlogen imker. Het onderstaande verhaal vertelt Ferry als gastblogger over zijn boeiende hobby.
Geschiedenis: De hobby is hem vanuit zijn voormalige werk in de gezondheidszorg/psychiatrie als het ware aan komen vliegen. Hij had daar vooral de zorg over het buitenterrein. Een oudere dame, weduwe van een imker, riep de hulp van Ferry in omdat er in haar tuin in de nog steeds bevolkte kasten van haar overleden man een voorzwerm was vertrokken. Die had zijn intrek genomen boven in een appelboom. Het verhaal van die dame over de imme en het zien van het wonder van een zwerm deed Ferry geen moment twijfelen en hij schreef zich in voor de basiscursus. In de toenmalige basiscursus stond de Aalstermethode centraal met het maken van de veger als middel om de zwermdrift van bijenvolken te temmen.
Wat houdt BD-imker zijn in? Bij het Biologisch Dynamische imkeren staat de natuurlijke voortplanting (het zwermen) van het bijenvolk (de imme) centraal maar dan wel naar het plan van het bijenvolk zelf en niet naar die van de imker. Ferry noemt nog twee belangrijke aspecten van het BD-imkeren, te weten het werken met natuurraat en zo veel als mogelijk is: inwinteren op eigen honing. In alles staat de gezondheid van het bijenvolk in haar natuurlijke omgeving voorop.
Hij ziet de antroposofie van Rudolf Steiner vooral als een leidraad om over na te denken en in de praktisch te vertalen bij het natuurlijke imkeren. Zonder dogma's en met een open onderzoekende nieuwsgierige houding. De imme (het bijenvolk in haar omgeving) staat centraal en bepaalt op een voor ons onzichtbare manier de sturing van alle processen in het volk.
| [svd-fotoalbum id="227"] |
Ferry's hobby-imkerij: Ferry beheert zo'n 30 volken, die in verschillende type bijenwoningen gehuisvest zijn. Daarbij moet je denken aan TBH's, verticale boomstammen (Klotzbeuten), hangkorven, spaarkasten en topkasten. Het gebruik van onverdeelde broedruimtes wordt door Ferry toegepast. Dit alles op natuurbouw, Ferry gebruikt dus in principe geen kunstraat, behalve wanneer hij wil zien hoe zijn volken omgaan met 5,1 en 4,9 mm kunstraat. Hij imkert met Zwarte bijen en heeft zachtaardige bijen tot zijn beschikking want hij imkert graag zonder beschermende kleding. Ferry richt zich niet primair op de honing, maar op de instandhouding van robuuste, gezonde volken, die dus veel natuurlijke weerstand bieden tegen bedreigingen zoals broedziekten en varroamijten. Honing is een bijproduct en op beperkte schaal produceert hij natuurlijke raat- en pershoning met veel stuifmeel. Soms oogst hij ook slingerhoning, die vanwege de kwetsbaarheid van de raten voorzichtig geslingerd moet worden. Ferry pleit ook voor zo weinig mogelijk en zo kort mogelijke ingrepen in de bijen. Ingrepen kost stress en vermindert de weerstand. Die weerstand hebben volken nodig bij hun eigen strijd tegen de mijten en virussen.
Natuurlijke raatbouw: Soms meet hij uit nieuwsgierigheid de celmaat van de natuurbouwraten en daarbij komt hij bij de overjarige volken in de regel uit op een celmaat van 5.0 mm in de broednesten. Net opgevangen zwermen bouwen in eerste instantie iets grotere cellen, maar naar de kern van het broednest worden de cellen steeds kleiner. Hij laat zijn volken onbeperkt darren produceren.
Varroabestrijding: Ongeveer twaalf jaar geleden is Ferry volledig gestopt met de varroabestrijding. Dit is in lijn met de richtlijnen van het Biologisch-dynamische imkeren, die pleit voor zo weinig mogelijk vreemde stoffen inbrengen. Zijn bestrijding was overigens voor die tijd ook al gematigd. De bestrijding in verticale boomstamvolken en korven was gewoon lastig. Het onbehandeld imkeren heeft bij hem geen hoge sterfte tot gevolg gehad. In de meeste jaren bleef zijn verlies beperkt tot gemiddeld 10%. Alleen de laatste twee jaar had hij net als vele andere te kampen met hittegolven, droogte en daardoor gebrek aan stuifmeel, waardoor de opbouw van de langlevende winterbijen verstoord werd. Hierdoor steeg de sterfte tot het landelijke gemiddelde van ongeveer 25%. Veel van zijn imkercollega's in de regio Haarlem zijn ondertussen ook gestopt met de bestrijding, waardoor vooral sterke vitale darren van de Zwarte bij en de lokaal aangepaste bij de bevruchting van jonge moeren kunnen beïnvloeden. Hun genen dragen bij aan vitalere volken met lokaal aangepaste donkere bijen.
Ferry Schutzelaars, BD-imker en gastblogger
Wil je reacties lezen en/of een reactie geven op het bijenblog?
Log dan in met je NBV-account.
Het Bijenblog is een service van de Nederlandse Bijenhoudersvereniging. Log in met je NBV-account om reacties te lezen en zelf te reageren.
Heb je geen NBV-account, maak dan een gratis account aan.
Inloggen