Bijenblog

Hoe verhoog je je kansen op de bevruchtingsstations?

Hoe verhoog je je kansen op de bevruchtingsstations?

De koninginnenteelt kent vele valkuilen. In dit blogbericht wat tips om het resultaat op de bevruchtingsstations te verbeteren. 

Komende maanden gaan we weer een paar duizend onbevruchte koninginnen naar de bevruchtingsstations. Iedereen hoopt op een succesvolle aanparing.

Wat is de normale slagingskans? Hoe kun je betere resultaten bereiken? 

Volgens het theorieboek is de slagingskans bij een natuurlijke aanparing ongeveer 80%. Twintig procent komt om tijdens een regenbui of wordt door een vogel uit de lucht geplukt of verwaaid en komt in het verkeerde kastje terecht met afsteken tot gevolg. Dit kan natuurlijk ook op de bevruchtingsstations gebeuren. Toch kun je met enige kwaliteitscontroles je resultaten verbeteren. 

  1. check je moeren na de geboorte op vleugel- of pootafwijkingen;
  2. merk je koninginnen zodat je er zeker van bent dat je je eigen koninginnen terug krijgt;
  3. geef ze voldoende niet plakkend suikerdeeg mee. Een pond is echt gewenst en dek het voor 90% af met een stukje plastic of papier;
  4. gebruik de juiste darrenroosters. Ze zijn te koop in de kleur blauw, zodat je je niet kunt vergissen met de bij de apidea bijgeleverde rode moerroosters;
  5. draaischuiven als vliegopeningen met een alles-opening, darrenrooster- en koninginnenrooster-opening werken het beste;
  6. zorg ervoor dat er geen darren in je bevruchtingskastjes zitten, deze verstoppen de ingang;
  7. breng herkenningstekens aan op je kastjes om vervliegen van moeren te voorkomen. De plaatjes zijn op internet te vinden;
  8. zet de gesloten BV-kastjes nadat ze gevuld zijn met bijen en jonge moer drie dagen en nachten op een donkere plek bij een temperatuur van 15 tot 18 graden zodat bijen en moer kunnen harmoniseren. ze maken dan al een begin met de raatbouw als het goed is (moer geaccepteerd);
  9. zet de kastjes aan het eind van de derde dag in de avond buiten open, wel zorgen voor degelijke vastgezette moerroosters voor de vliegopening (zie foto's);
  10. [svd-fotoalbum id="198"]
  11. laat de volkjes op de donderdag lekker vliegen, hiermee haal je de stress uit de volkjes en ze kunnen zich ontlasten;
  12. volkjes, die de moer niet geaccepteerd hebben, zullen meestal kaal vliegen. De bijen bedelen zich in bij de andere kastjes;
  13. op donderavond, de avond voor het vervoer naar het bevruchtingsstation, kun je in de avond de kastjes stuk voor stuk controleren. Je controleert op de gewenste sterkte en op de aanwezigheid van je gemerkte moer. Geen moer of onvoldoende bezet: deze kastjes blijven uiteraard thuis.

Met 80% succes mag je dus dik tevreden zijn!

Met al deze controlestappen weet je zeker dat je kastjes met geaccepteerde moeren aanlevert op het station. Nu moet de natuur, de darrenbezetting op de stations en het weer je inspanningen tot een succes maken. Veel plezier met de boeiende teelt van koninginnen!

Ben Som de Cerff, hobby-imker en docent koninginnenteelt

Meer over koninginnenteelt vind je o.a. in het imkerboek Bijvriendelijk imkeren 2.0. Hiermee kan de beginnende koninginnenteler goed uit de voeten. De meest complete uitgave over koninginnenteelt is van Friedrich-Karl Tiesler & Eva Englert, een echte aanrader voor de ervaren telers. 

Wil je reacties lezen en/of een reactie geven op het bijenblog?
Log dan in met je NBV-account. 

Het Bijenblog is een service van de Nederlandse Bijenhoudersvereniging. Log in met je NBV-account om reacties te lezen en zelf te reageren. 

Heb je geen NBV-account, maak dan een gratis account aan. 

Inloggen