Bijenblog

Onbehandelde volken en toch een lage mijtbesmetting

Onbehandelde volken en toch een lage mijtbesmetting

De dagelijkse mijtenval van onbehandelde volken maakt het mogelijk het kaf van het koren te scheiden. Sommige volken kunnen van nature uitstekend de mijtbesmetting binnen de perken houden, bij de meeste volken lukt dit niet. Door de mijtenval vooral in september en oktober te meten, kun je de goede volken/teeltmoeren onderscheiden.  

Dit keer een blogbericht voor ervaren imkers, die iets doen met koninginnenteelt en die de varroabestrijding zouden willen verminderen. Die bestrijding is vaak nodig, maar zeker niet altijd. Voor beginnende imkers hierbij het dringende advies om toch vooral het driegangen menu toe te passen.

Door gericht de mijtbesmetting te meten, zouden we heel snel onze bijenpopulaties kunnen verbeteren en duurzamer zonder bestrijdingsmiddelen kunnen imkeren. Het klinkt utopisch, maar we kunnen het kaf van het koren scheiden en verder telen met de best aangepaste teeltmoeren. We moeten een shift maken naar meten en dan minder bestrijden. 

Volgens het onderzoek "Reliability of the main field diagnostic methods of Varroa in honey bee colonies" door Flores, J.M. Gil, S. en Padilla, F. van het Departamento de Zoología. Universidad de Córdoba te Spanje biedt de dagelijkse mijtenval de meeste betrouwbare uitkomst voor de algehele mijtenbesmetting van het volk. Vooral in de late nazomer en herfst wanneer de invloed van andere predatoren, zoals mieren e.d. afwezig zijn, is deze uitslag meer betrouwbaar dan onderzoek op de mijtbesmetting van uitsluitend bijenmonsters of uitsluitend broedmonsters. 

In 2016 ben ik begonnen met de overgang naar kleine cellen en zijn er bij twee koninginnen hoog hygienische eigenschappen via inseminatie ingekruist. Om de beste teeltmoeren met de laagste mijtenaantallen te kunnen selecteren heb ik de conclusies uit het onderzoek van Flores & co toegepast en meet ik de dagelijkse mijtenval vanaf 1 september tot 1 maart via de schuifladen van zo'n 20 tot 30 volken. Dit zijn volken met teeltmoeren maar ook volken met standbevruchte dochters van de teeltmoeren. 

Door een goede keuze van het teeltstation kun je jaarlijks de nakomelingen van de best presterende teeltmoeren daar weer laten aanparen, waarbij vooral de (varroa) hygienische eigenschappen een belangrijke rol in de keuze van het station spelen. Je mag uiteraard bij de bevruchtingsstations erop rekenen dat het met de andere belangrijke eigenschappen (raatvastheid, zwermtraagheid, ziekteresistentie, vriendelijkheid etc.) wel goed zit. Op het bevruchtingsstation Ameland worden in navolging van de Duitse stations in 2022 VSH-geteste Buckfast darrenvolken geplaatst. Mogelijk gebeurt dat ook op andere stations. Het is wel de toekomst voor alle bijenrassen.  

De manier van selecteren van volken/teeltmoeren met de laagste mijtenbesmetting richt zich niet zozeer op een enkele eigenschap zoals grooming, VSH of SMR maar juist op de effecten van al deze eigenschappen samen (of op nog niet bekende eigenschappen), extra ondersteund door de effecten van kleine cellen. Onderzoek naar grooming, SMR en VSH vereist tijdvretend microscopisch onderzoek, terwijl het meten van de mijtval op de schuifla om de twee of drie dagen hooguit 2 minuten per volk kost. Dit is een heel eenvoudige methode, die door iedere imker uitgevoerd zou kunnen worden. Iedere imker, die gericht iets doet aan koninginnenteelt kan op deze manier steeds met de best hygienische moer per teeltlijn verder telen. Dit geeft een snelle en effectieve teeltprogressie.

Uit mijn bevindingen van de afgelopen vijf jaar is gebleken dat je beste teeltmoeren al kan selecteren op basis van de meetgegevens van 4 weken (sept/okt). Deze periode is voldoende representatief om de meest varroa-arme volken te kunnen onderscheiden en hiermee de best presterende moeren te onderscheiden.  

Mij heeft dat in de afgelopen vijf jaar een jaarlijkse halvering van de mijtenbesmetting opgeleverd en dat zie ik nu ook terug in de mijtenval van de grote productievolken met dochters van de teeltmoeren. Door de combinatie van kleine cellen en hoog hygienische volken/teeltmoeren blijft de mijtbesmetting beperkt tot een acceptabel niveau, dat wil zeggen de bijenvolken blijven vitaal en overleven de winter zonder noemenswaardige uitval. En dat zonder dat de volken nog behandeld worden tegen varroamijten. Kleine bijen en mijten leven vreedzaam, natuurlijk en duurzaam samen. 

Meer weten over Natuurlijk(er) imkeren? Volg het NBV-webinar op 17 november aanstaande. Op 25 november meer info over VSH. 

Ben Som de Cerff, hobby-imker en docent koninginnenteelt

Wil je reacties lezen en/of een reactie geven op het bijenblog?
Log dan in met je NBV-account. 

Het Bijenblog is een service van de Nederlandse Bijenhoudersvereniging. Log in met je NBV-account om reacties te lezen en zelf te reageren. 

Heb je geen NBV-account, maak dan een gratis account aan. 

Inloggen