Bijenblog

Melk en honing en kleine bijen

Melk en honing en kleine bijen

De kleine bijenvolken doen het uitstekend in de omgeving van Vorden, waar veel natuurterreinen zijn en een biologische melkveehouderij een prachtige biodiversiteit oplevert voor alle insecten, melkkoeien en jongvee. Kijk je mee naar de kleine bijenvolken, die nu ingewinterd worden? 

Melk en honing staat figuurlijk voor 'melkkoeien in een biodivers landschap', waarin bij uitstek plaats is voor kruiden, witte en rode klaver, honingklaver en chicorei. Egbert en Janneke Harmsen runnen in Vorden een biologische melkveehouderij rond het Kasteel Hackfort. 

Op hun deels gepachte terreinen van Natuurmonumenten staan mijn bijenstanden met kleine bijtjes, die vanwege het feit dat er al sinds 2016 geen varroamijten meer bestreden worden, uitstekend passen in het biologische concept van de boerderij. De 4,9 en 5,1 mm kunstraat voor mijn volken komt al ruim 20 jaar uit de gesloten eigen kringloop en is dus niet belast met residuen uit de vooral in het buitenland toegepaste harde chemische middelen tegen de varroamijt zoals Armitraz. 

De omgeving van het kasteel Hackfort is zeker de moeite waard voor een leuk uitstapje. In de prachtige moestuin bij het kasteel en een in 1996 herplante hoogstamboomgaard waarin mijn bijenvolken staan, is het goed toeven. Er staan overigens acht kastelen in het dorp Vorden.

Mijn kleine bijenvolken staan er op dit moment goed voor, ze zijn sterk en zien er gezond uit. Inmiddels heb ik naast mijn eerste onbehandelde volk uit 2016, nog 4 kleine bijen volken uit 2017, 9 uit 2018 en 26 uit 2019. Het betreffen hier uitsluitend kleine bijen in onbehandelde volken. 

Door vooral de nadruk te leggen op het behoud van warmte door het gebruik van compacte broednesten in "einraumbeuten" met kleine cellen en een vooral zeer beperkt maar continue aanbod van darrenbroed lijken de varroamijt en de gastheer een biologisch evenwicht gevonden te hebben. Er is inmiddels voldoende bewijs dat extra grote broednesten extra grote mijtenpopulaties opleveren. Vooral bij grotere broednesten is het warmteverlies aan de randen van het broednest groter waardoor de mijten met grotere aantallen geboren kunnen worden. Dit probeer ik dus te voorkomen door gebruik te maken van dadantkasten met een beperkte broedruimte. Ook de Topkast of het eenbaksimkeren in spaarkasten is hier geschikt voor. 

Onder einraumbeuten versta ik bijenkasten, waarbij het broednest zich slechts in één kamer bevindt. Bij sommige van dit kasttype worden ook geen honingkamers gebruikt. Deze hebben de beste warmtehuishouding, zeker wanneer de ramen in warmbouw staan. Bij kasten waarbij wel hk's worden gebruikt, is het zaak deze niet te vroeg te plaatsen, waardoor het warmteverlies beperkt blijft. Plaats pas een hk met uitgebouwde ramen in het voorjaar wanneer het volk sterk genoeg is (dus warmteverlies kan compenseren) en er echt voldoende dracht is. 

Naast bovenstaande selecteer en teel ik al jaren koninginnen, die de laagste mijtenbesmetting voortbrengen. Het totaalconcept lijkt succesvol te zijn.

In de volgende video laat ik de volken onder het folie zien, terwijl ik ze deze week een voerrondje aan het geven was.  

Ben Som de Cerff, hobby-imker en docent bijenteelt

 

 

 

Wil je reacties lezen en/of een reactie geven op het bijenblog?
Log dan in met je NBV-account. 

Het Bijenblog is een service van de Nederlandse Bijenhoudersvereniging. Log in met je NBV-account om reacties te lezen en zelf te reageren. 

Heb je geen NBV-account, maak dan een gratis account aan. 

Inloggen